vrijdag 24 mei 2013

Museumbezoek

Je zou verwachten dat ik over kunst ga praten. Ja, een soort kunst… de kunst van het eten.

Na het bezoek van een mooie tentoonstelling ga ik in het restaurant voor lunch. Mooi, een chef-kok, biologische producten. Een mevrouw achter mij vraagt een broodje oude kaas: een grot sneetje met bovenop plakjes kaas, saladebladen en saus. Goed ziende, heerlijk waarschijnlijk.
De mevrouw zit aan dezelfde grote tafel, zo kan ik naar haar af en toe kijken. Ze eet haar sneetje met een mes en vork. Vanaf dat moment kan ik nergens anders kijken dan aan haar en alle beelden defileren voor mijn ogen: bedrijfsrestaurant, oma en opa, ik.
Toen ik kind was, wilde ik het polenta-achtige bijgerecht van mijn oma alleen met de hand eten, tegen de bedwelming van mijn ouders. Dat polenta moest op een houten plank neergelegd worden en met een draad gesneden. Alleen op dat moment was hij lekker. Mijn moeder kon polenta maken niet met hetzelfde resultaat zoals mijn oma, net te slap. Het beeld van met-hand-etende mijzelf blijft duidelijk in mijn hoofd.
Als ik in het bedrijfsrestaurant kijk, zie ik best vaak collega’s die hun boterham met mes en vork eten. Heel vaak, te vaak eigenlijk, houden ze het bestek zo onhandig, het bestek voelt ongemakkelijk, puzzelt, ze hebben geen goede relatie, ze begrijpen elkaar niet goed, ze staan elkaar in de weg.
Eerlijk gezegd: ik snap niets van. Ik snap niet hoe dat is gekomen dat men niet meer met hand eet. De hygiëne is tegenwoordig zo goed, je hoeft niets te vrezen. Moet ergens iets vinden over de geschiedenis van het bestek, wanneer en waarom is dat in ons leven gekomen, voegt tegenwoordig iets toe?

En boterham met mes en vork?! Zo té!

1 opmerking:

  1. Anoniem6/19/2013

    meneer taban, wat een mooie column heeft u hier geschreven. leuk hoe een lunch in een museum je mee kan nemen naar oma in roemenie, polenta, hygiene en het nu van bestek. smakelijk opgeschreven. afz. fwie

    BeantwoordenVerwijderen