woensdag 11 september 2013

NTR Academie

Bij toeval heb ik eind deze zomer een Tv-programma dat licht en rust me heeft gebracht: De NTR Academie. Eind juli is NTR begonnen met 20 dagelijkse lezingen over hele brede ontwerpen. Verschillende vertellers komen met ”een goed verhaal over een eigentijds onderwerp”. Met veel plezier heb ik naar alle lezingen gekeken. Ik zou zeggen, kijk zoals ik naar alles, het is moeitewaard!! Hierbij mijn persoonlijke Top3:
  1. Midas Dekkers:Vroeger was het beter.
  2. Dirkde Wachter: Pleidooi voor een beetje ongelukkig zijn.
  3. Joke J. Hermsen: Stil de tijd.

dinsdag 3 september 2013

Angela

Iedere keer bij een (sollicitatie)gesprek vertel ik wat je als natuurkundige kan: veel zijdig, breed en diep, analyseren, etc. Die benadering neem je altijd mee, ongeacht het spelveld: technologie, onderwijs, sport.

Afgelopen zaterdag, 31 augustus, in de Belgische "De Standaard":

"Merkel zelf verhult haar machtstreven in een professionele houding. Ze straalt plezier uit in haar vak. En ze beheerst het ook verdomd goed. Mensen die regelmatig in haar omgeving verkeren, bewonderen de systematiek waarmee ze het vak beoefent. Hoe ze zich informeert, hoe ze elke beslissing wikt en weegt, hoe ze geduld oefent voordat ze op het juiste moment toeslaat. Wat er als twijfel uitziet, is in werkelijkheid geslepen tactiek.

Die tactiek der voorzichtigheid schrijven velen toe aan haar achtergrond als natuurkundige. In de wetenschap gaat het immers ook om het afwegen van hypothesen en het voortschrijden langs de weg van ‘trial en error’, ‘proberen en vergissen’. Net als wetenschap is politiek in de ogen van Merkel een kunde. En die kunde, daar weet ze de Duitsers van te overtuigen, moet je overlaten aan deskundigen. Zoals zij."

Ja, het gaat over Angela Merkel en de Duitse verkiezingen. Een natuurkundige staat bovenop ook omdat ze een natuurkundige blijft. 

zondag 25 augustus 2013

Ooit op zondag ochtend gevlogen?

Zondag ochtend vroeg. Nevelig buiten, maar toch warm. Ga met de hond wandelen.

Heel rustig. Niemand op straat. Ik heb het idee dat ook de vogels rustiger zijn. Geen lawaai van hen vandaag. Ik kom teen een jonge zwarte labrador die mee wil spelen, daarna een nieuwsgierige puddel. Niemand anders, ook geen fietsers. Op een moment was zo rustig dat ik niet ik mijn hond niet meer durfde op naam te roepen; beter fluiten; zachtjes, zodat ik de rust niet verstoor. Ik laat de hond zijn gang gaan, ik wil me niet bemoeien met zijn nieuwsgierige snuffel.

Thuis wacht voor mij een lekker kopje thee, een zondags appelflap en een mooie glimlach. We gaan op balkon naar de rust “luisteren”. Van mijn betreft kan het weer zo blijven en de buren mogen vandaag uitslapen.

De thee is op, de appelflap was erg lekker en de krant biedt geen belangrijke belevenissen. Waarschijnlijk ergens anders denken mensen anders over hun bezigheden. Op eens beginnen vliegtuigen op te stijgen. Ze storen een beetje de rust van de wijk. En ik vraag me af: Bent u ook ooit op een vroege zondagse ochtend gaan vliegen?

maandag 19 augustus 2013

Twee dingen

De Nederlanders zijn een slim volk. Toch begrijpen ze enkele eenvoudige dingen helemaal niet:

Situatie 1: Twee kassa's; twee geldautomaten; twee kaartautomaten. Naast elkaar. Een Nederlander begrijpt het niet dan veel sneller, eerlijker en efficienter is om maar één rij te vormen voor beide kassa's of geldautomaten. Als je ergens in het midden staat, tussen die twee, kijken ze je heel verward: "Zit u in de rij? Oh, ja, bij welke kassa dan?" Nee, heel moeilijk. Tegelijkertijd ergeren ze zich dood als een iemand meer tijd neemt om naar zijn rekening te kijken of langzamer is meet een kaartje kopen en zíj haast hebben de trein te halen.

Situatie 2: Op de looptrap. Een Nederlander begrijpt het niet dat je op een looptrap rechts hoort te staan om met de looptrap naar beneden of naar boven te gaan en zo ruimte kan maken aan je linker kant voor de mensen die sneller naast jou willen. Nee, ze staan lekker alle kanten op. Als je sorry zegt kijken ze heel confuus naar jou toe.

De Nederlanders zijn een slim volk. Toch begrijpen ze enkele eenvoudige dingen helemaal niet.

donderdag 15 augustus 2013

Een hond uitlaten

Toen ik kind was, stond de hond van mijn opa de hele dag aan de lijn buiten bij zijn huisje. Zijn enige taak was om, door te blaffen, te signaleren dat iemand bij ons binnen is gekomen. ’s Nachts was hij vrij gelaten en hij kon vrij overal bewegen: eerst enkele rondjes volle snelheid door de tuin, daarna weg door de andere tuinen en waarschijnlijk met de andere honden van het dorp te “socialiseren”. Het was nooit sprake van uitlaten, wij moesten alleen regelmatig zijn poep opruimen van rond zijn huisje. Mijn hond moet nu, omdat hij binnen in een appartement woont, uitgelaten worden. Hij loopt los, hij rent, hij snuffelt, hij doet wat taken. Dat is voor een hond in de stad normaal, zou ik zeggen.

Terug met vakantie in een dorp, zie ik een mevrouw met haar lokale hond eventjes naar buiten op straat lopen. De hond uitlaten. Ik vroeg me op dat moment af, heeft hij dat nodig; wat doen de mensen tegenwoordig in een dorp met hun hond? Wat zou ik doen als ik een dorp zou wonnen. Stel dat mijn stad-hondje in een keer een grote tuin krijgt; wat dan?

maandag 5 augustus 2013

Hoe het ook kan!

Geachte heer de wethouder,

Niet zo lang geleden was de gemeente bezig met de herinrichting van de Kalfjeslaan in ons stadsdeel. De hoevenier heeft tonnen zand neergestort in dit gebied. Het resultaat: vele kale plekken waar geen gras groeit. De reactie van de gemeente: lelijke gele borden met de tekst "Ecologisch Kwetsbaar Gebied". Als ik de gemeente was, kon ik beter "sorry, NATUUR, voor ons prutswerk!" schrijven. Die boorden passen helemaal niet in de omgeving en herinneren ons alleen aan de ontelbare hulpeloosheid van de gemeente.


Als je niet zo veer naar het zuiden rijdt (nee, niet op de snelweg naar Zuid Frankrijk!), zie je in Belgie, in het midden van de groene natuur, de volgende borden. Kleurrijk, vrolijk, passend. En je vraag je op dat moment af: Hoe kan dat hier en bij ons niet? Heeft het te maken met... of met... Heeeel triest!!!


maandag 29 juli 2013

Zicht. Gehoor. Geur.

“Look around” heet deze blog. En dat is maar goed. Een stapje terug, zoals altijd wanneer een vraag op pad komt. Zintuigen: kijken, horen, ruiken. Welke van deze drie dieper gaat naar de basis?

Kijken.

Je ziet dingen (mensen, dieren, bloemen, landschapen) die wel lijken op een bekende iets. Die iets is voor jou belangrijk en roert herinneringen. Die zicht koppel je aan een dierbare ervaring. Is die ervaring precies dezelfde zoals nu?

Horen.

Je hoort muziek, de radio, een stem, of misschien een vogelzang, of de wind. Ze lijken dichtbij een dierbare persoon of situatie.

Ruiken.

Het gras, een paard, de lucht, de hond. Jezelf. Ze hebben allemaal een specifieke geur. Een paard hier of in Verenigde Staten ruikt precies dezelfde. En die geur brengt herinneringen met zich mee.

De geur van een paard. Oom Gheorghe en zijn paard die gecastreerd moest worden. De kinderen konden niet bij, de mannen wel. Hoe oud was mijn vader toen? Misschien net zo oud zoals ik nu. De kinderen konden niet bij die paard, iedereen was bang dat hij niet vriendelijk was.
De geur van vers gemaaide gras. Ik was rond 18 en ik heb een hele zomer geholpen met gras verzamelen voor de winter voor de dieren. Als ik nu langs een veldje met vers gemaaide gras loop, kan ik niet aan iets anders denken.

De geur van een varken of van een schaap. Langs de boerderijen weet ik of binnen varkens, schapen of koeien zich bevinden. Mijn opa heeft zijn hele leven in een varken complex gewerkt en iedere dag nam hij, samen met het donkere brood (ja, die geur kan ik van duizend andere afscheiden), de geuren met zich mee naar huis. Nee, geen fijne geuren. Mijn opa en oma hadden thuis een stuk of tien schapen die ’s winters thuis bleven. Hun geur, en later in de lente de geur van de lammetjes, kan ik nog altijd onderscheiden. De schapen blijven gelukkig overal dezelfde geuren met zich mee dragen en ik kan weer en weer van genieten. 

Naar mijn gevoel gaat ruiken dieper in ons hersens dan zien of horen. Het brengt terug die oude basale herinneringen met zich mee. Altijd dezelfde, maak niet uit waar je bent. Misschien is eigenlijk op het geuren reizen beter dan op het zien reizen. Een hele vakantie door een landschaap vol die geuren. Mijn dierbare geuren. Zou ik graag willen.

woensdag 24 juli 2013

Cultuurverschil?

Vakantie in Belgie betekent veel buiten zijn, maar ook, als Tour de France is, 's avonds laat naar Vive le Velo (VRT) kijken en niet naar Avondetappe (NOS). Leuk programma met wat extra meer sfeer. Twee opmerkelijke dingen voor mij:

* De glazen wijn zijn bij de Belgen groot, Bourgundisch; bij de Nederlanders klein, de Blokker-type.
* De Belgen praten altijd over de ""speurters"; de Nederlanders over de "sprinters".

Charme?

dinsdag 18 juni 2013

Het doet pijn!!!


Veteranen wedstrijden

Bij wedstrijden zie je meer flyers liggen met aankondigingen voor 1000m Masters wedstrijden. Ook het blad “Roeien” van KNRB schrijft regelmatig over dit nieuwe type wedstrijden voor veteranenroeiers. In 2010 is bij RV Rijnland al het idee gekomen om het Duitse model te importeren [1]. In het seizoen 2012-2013 zijn er bij voorbeeld drie 100m wedstrijden in de planning: ZRB, Amsterdam Masters en Dutch Masters Open.

Als veteraanroeiers zijn we bekend met de lange afstand wedstrijden: Heineken 4Kamp, Head of the River Amstel en Skiffhead zijn de meest populaire wedstrijden, maar je ziet regelmatig Willem III’ers ook bij andere wedstrijden. De korteafstand wedstrijden zijn de nieuwkomers: afgelopen jaren waren de Skoll Cup of de Slotwedstrijden op de Bosbaan populair, dit jaar is Amsterdam Masters populair geweest (1 km).

Head – 2km – 1 km

Wat een lichaam nodig heeft met betrekking tot energiegebruik is anders bij een head-wedstrijd, dan bij een korteafstand wedstrijd. Wat gek is, is dat ook een grot verschil bestaat tussen 2 km of 1 km roeien. Kijk naar Figuur 1 hieronder voor het energiegebruik tijdens een 2 km wedstrijd van 7 minuten.

Figuur 1: Energiegebruik tijdens een 2 km wedstrijd.
De eerste 10-20 seconden kan je volop gaan, zonder bang te zijn voor de pijn (gestippelde blauwe lijn). Het gaat vanzelf, jij hebt die energie beschikbaar, ze is “gratis”. Daarna gaat het lichaam anaerobic, zonder zuurstof, energie produceren (“lijn&punt” rode lijn). Je krijgt veel kracht eruit, het blijft best lang hoog, maaar… het doet pijn. Verzuring noemen we dat en is niet prettig te ervaren. Gelukkig wordt de pijn na 2 minuten beter draagbaar. Wat we na ongeveer 2 minuten gaan gebruiken is de energie die ons lichaam met behulp van zuurstof produceert. Dat kan heel lang gebruikt worden, zoals in een head-race. Het totale energiegebruik is aangegeven in Figuur 1 met een dubbele paarse lijn.

Maar wat doe je als je wedstrijd korter dan 4 minuten is voor een afstand van 1 km; hoe reageert jouw lichaam? Kijk naar Figuur 2. De middelste minuten van Figuur 1 heb ik verwijderd, ze tellen niet meer mee. Wat je krijgt is dat je een stevige eindsprint moet weten te trekken na 750 m (zeg 180 seconden of 3 minuten), wanneer je lichaam nog steeds in de verzuring zit omdat het niveau van het lactic acid (melkzuur) nog steeds redelijk hoog is. Wat krijg je? Pijn, pijn, pijn!!! Bij 2 km had je redelijk voldoende tijd om de verzuring te laten lopen, hier niet; met pijn in je benen moet je nog meer pijn accepteren voor de eindsprint!

 

 
Figuur 2: Energiegebruik tijdens een 1 km wedstrijd.

Trainingsvolume

Ed McNeely [2] geeft aan dat voor iedere type wedstrijd een andere verhouding bestaat tussen verschillende type trainingen (zie Tabel 1). Wil je voor een head-wedstrijd trainen, dan ga je 55-60% van je tijd besteden aan aerobic trainingen. Bij een 2 km wedstrijd is dat ongeveer 55%, maar bij 1 km daalt het percentage naar slechts 35%. In tegenstelling tot een head-wedstrijd, besteed je in de voorbereiding van een 1 km-wedstrijd ongeveer een kwart van je tijd om de maximale kracht te verbeteren. Dat teelt, anders dan je zou verwachten, als een beperking van jouw overal prestatie [3].

Tabel 1: Trainingsvolume voor verschillende wedstrijden.
 

 

 

Energieproductie

Aerobic threshold (aërobe drempel) betreft lange duur, lage-intensiteit werk dat je kunt houden voor enkele uren. Anerobic threshold (anaërobe drempel) heeft betrekking op een intensiteit die je kunt handhaven gedurende 40-90 minuten. VO2-max. verwijst naar interval trainingen die 2 tot 8 minuten omvatten. Peak power (piekvermogen) verwijst naar krachttraining en korte anaërobe sprints (10 seconden) voor snelheidsontwikkeling [3].

Denkoefening

Stel dat je redelijk fanatiek bent en traint 3 keer per week voor 5 maanden ter voorbereiding van een 1 km-wedstrijd. Dan ga je trainen, volgens Tabel 1, van het totaal van 60 trainingssessies: 21 sessies aerob, 12 sessies anaerob, 12 sessies voor VO2-max en 15 sessies voor maximale kracht. De praktijk kan net anders zijn, met inroeien, techniekoefeningen, maar de richtlijnen blijven in de buurt.

Techniek

De techniek spelt op veteranen niveau nog steeds een belangrijke rol en kan een groot verschil maken. Bij een korte afstand wedstrijd zijn de start en hoog tempo behouden heel belangrijk; begin daarvoor op tijd met het oefenen, niet alleen op het laatste moment enkele dagen voor de wedstrijd.

Ed McNeely

Ed McNeely is fysioloog en krachttraining adviseur bij Rowing Canada Aviron (de Canadese roeibond). Meer artikelen van hem zijn te lezen op peakcentre.wordpress.com/ of in het boek “Rowing Faster” 1e en 2e edities.

Referenties


[1] “Roeiend van A naar H”, 20 november 2010, RV Rijnland.

[2] ”Designing your training plan”, Ed McNeely in Rowing Faster 1e editie.

[3] “Peak power: the limiting factor of rowing performance”, Ed McNeely op peakcentre.wordpress.com/.

dinsdag 4 juni 2013

Securitate anno 2013

Bij de lunch in de kantine, waren mijn collega's totaal verbaasd hoe veel en hoe snel de politie wist te komen te weten over de vader van de tweeling. Allemaal met hoge precisie. Ik was zelf verbaasd over mijn collega's: hoe kan je denken dat dat niet op dit detailniveau mogelijk is?

In de jaren '80 had Oost-Europa te maken met de fenomeen Securitate, Duitsland met Stasi. Wat wilden ze: het volg beschermen tegen vijanden. Iedereen in West-Europa was helemaal tegen beweging van monitoren, controleren, alles over de ene naast jou weten.

Anno 2013, praten we over BigData: Google, iPhone, creditcard, video camera's, pinnen, OV-chipkaart, cookies. Met dezelfdereden: veiligheid. "Onze" veiligheid. Wat pal naast komt te staan is dat als één iemand iets wil weten over jou of mij, is dat alleen een kwestie van slim zoeken tussen al die bergen BigData. Bij de Securitate waren de informatieve nota's; nu ons "digitale dossier".

Ik stond de afgelopen dagen stil met de vraag: wat is eigenlijk het verschil. Beide systemen willen ons "beschermen". Tegen... Zijn we bereid om dat te willen, of vanwege de onwil zijn we vanzelfsprekend in die richting geduwd? Voor mij is het verschil tussen Securitate en Veiligheid Anno 2013 kleiner en kleiner met iedere dag.